Ganzeveld

Het Ganzeveld is een gevarieerd bosgebied. Het woord “veld” geeft aan dat het landschap hier vroeger open was met vooral heide en struikgewas. De bodem was te schraal en de middelen te beperkt om de heide te ontginnen. Ten tijde van Napoleon begon een eerste ontginningsperiode. De heide werd ingedeeld in grote blokken, omgeven door dreven van voornamelijk beuk. De blokken zelf werden beplant met naaldhout.

Natuurlijke bossen zijn belangrijk voor de biodiversiteit. Ze vormen het leefgebied van honderden soorten planten en dieren. We vinden in het Ganzeveld naast de naaldhoutaanplanten restanten van eiken-berkenbossen. Deze bossen worden van nature gedomineerd door zomereik, aangevuld met ruwe berk. In het Ganzeveld zijn ze echter vaak aangeplant, net zoals veel Amerikaanse eiken. Typische soorten in de struik- en kruidlaag zijn spork, hulst, lijsterbes en kamperfoelie, pijpenstrootje, bochtige smele en pilzegge. Zoogdieren zoals reeën en eekhoorns voelen zich goed thuis in het Ganzeveld. Ook heel wat vogelsoorten hebben hier hun plekje. Buizerd, wespendief en zwarte specht komen hier tot broeden. Voldoende rust is belangrijk voor hen.

Kansen voor meer natuur

Door een gericht beheer willen we de natuurwaarden in het Ganzeveld versterken. We geven de voorkeur aan streekeigen en inheemse soorten zoals zomereik, lijsterbes, spork en hulst. Uitheemse bomen zoals Amerikaanse eik en naaldhoutaanplanten vervangen we geleidelijk door inheemse planten. We doen dat omdat er op en rond inheemse boomsoorten heel wat leven is. Op een Amerikaanse eik vind je bij ons amper 20 soorten insecten, terwijl  het er op en rond een zomereik minstens 400 zijn. Onze ingrepen moeten leiden tot een mooi, gestructureerd bos:

  • met een afwisseling van open plekken en bos
  • waar jonge en oudere bomen door elkaar staan
  • en met een soortenrijke struik- en kruidlaag onder en naast de bomen.

Ook dood hout is belangrijk want dat zorgt gek genoeg voor meer leven. Tal van dieren en planten leven in en rond dood hout: vogels zoals spechten en andere holenbroeders, vleermuizen, insecten en paddenstoelen.

Heide op open plekken

In het Ganzenveld ontwikkelt er zich heide op de open plekken. Je vindt er soorten zoals brem, struikhei en liggend hersthooi. Vanuit de zaadbank in de bodem komt de heide opnieuw tot leven. In augustus en september zorgt de bloeiende heide voor de typische paarse kleur.

Op een aantal plaatsen geeft Natuurpunt de heide in het bos nieuwe kansen door de open plekken te maaien. Zo creëert de vereniging nieuw leefgebied voor insecten, vleermuizen en vogels zoals de boomklever en de specht. Als je geluk hebt, kan je ook reeën zien op de open plekken en aan de bosranden.

 

Historische dreven zorgen voor extra leven in het bos

In het Ganzeveld vind je enkele mooie, oude beukendreven in een dambordpatroon. Dat laatste is een restant uit de tijd dat men de woeste gronden in onze regio begon te ontginnen in grote blokken, omzoomd met dreven. De beukendreven vormen belangrijke schuilplaatsen voor veel vleermuizen en vogels. Denk maar aan de specht die graag zijn nest maakt in een oude beuk. Je kan dat duidelijk zien bij sommige beuken in de dreven van het Ganzeveld. De ingang van het nest van een zwarte specht is makkelijk te herkennen: het is ovaal en groter dan het nest van de andere spechtensoorten.

Bosuitbreiding

In Ganzeveld zullen we de komende jaren 6 hectare nieuw bos aanplanten. Door de boskern aan Ganzeveld groter te maken willen we ook het leefgebied voor de buizerd, de ree en de zwarte specht verbeteren. Maar er is meer. Nieuwe bossen zorgen voor zuurstof voor de omgeving en zijn dan ook zeer belangrijk in de strijd tegen klimaatverandering. 6 H2O + 6CO2 > C6H12O6 + 6O2. Ken je die formule nog? Door fotosynthese halen bomen en planten CO2 uit de lucht en zetten het om in zuurstof. Afhankelijk van de boomsoorten, de groeiplaats en de klimaatvoorwaarden zal een nieuw bos in Vlaanderen dat zich natuurlijk kan ontwikkelen gedurende minstens een eeuw tussen de 7 en de 10 ton CO2 per hectare per jaar opnemen.

Iedereen welkom

We hebben een permanente wandellus van ongeveer 2 km ingericht. Pijltjes tonen je de weg.

Het westelijke deel van het bos is niet permanent toegankelijk. In deze zone willen we voldoende rust behouden voor o.m. reeën en broedvogels. Loslopende honden verstoren de dieren. Honden zijn toegelaten aan de leiband.

Wandellus

Start: ter hoogte van Ganzeplas (kruispunt met Grote Ganzeplas), 9880 Aalter, vanaf coördinaten + 51° 4'8.65"N, +  3°28'1.83"O

Afstand: 2 km

Stevige stapschoenen aangewezen.

Honden zijn toegelaten aan de leiband.

STEUN

Je kan dit project steunen door een gift op IBAN BE56 2930 2120 7588 (BIC = GEBABEBB) met vermelding ‘gift Ganzeveld – project 6687. Voor giften vanaf 40 euro wordt een fiscaal attest opgestuurd.